Centrum voor Jeugd en Gezin | Capelle aan den IJssel

Wanneer vertel je dat Sinterklaas niet bestaat?

Wanneer vertel je dat Sinterklaas niet bestaat?

De Sinterklaastijd is voor de meeste kinderen leuk en spannend, vooral als ze nog geloven. Maar er komt een moment dat de twijfel toeslaat. Hoe ga je daarmee om? Lees hieronder tips van Ouders van Nu.  

Kinderen komen er steeds eerder achter dat Sinterklaas niet bestaat. Waar ze vroeger op hun achtste of negende nog heilig in de Sint geloofden, weten de meeste kinderen nu al rond hun zesde jaar dat hij niet bestaat. Of begint in elk geval de twijfel toe te slaan.

Omgaan met twijfel
Toch verschilt het geloof in Sinterklaas nog erg per kind. Het ene kind heeft met vier jaar al zijn of haar bedenkingen over de echtheid van Sinterklaas en Piet, terwijl het andere kind er op zijn of haar negende nog heilig in gelooft. Het scheelt ook of er loslippige grotere broers of zussen in het spel zijn, die niet meer geloven. Er is niet echt een leeftijdsgrens voor wanneer kinderen moeten weten hoe de vork in de steel zit.

Als kinderen ouder worden, krijgen ze steeds beter inzicht. Ze snappen bijvoorbeeld dat een paard niet op het dak kan lopen en dat een Piet niet door de schoorsteen past. Of ze vinden het gek dat Sinterklaas bij hen in de klas is en tegelijkertijd bij het buurmeisje, dat op een andere school zit, en bij een neefje dat aan de andere kant van het land woont. Legt je kind die verbanden eenmaal, zeg dan dat hij of zij gelijk heeft. Vaak zoekt je kind dan zelf naar een verklaring en komt hij of zij er dus achter dat Sinterklaas niet echt is. Zodra je kind aan het twijfelen is geslagen, kun je er beter niet te lang omheen draaien en eerlijk vertellen dat Sinterklaas niet bestaat.

Op welke leeftijd vertel je het?
De meeste kinderen komen er zelf achter dat Sinterklaas niet bestaat. Maar als je kind richting de bovenbouw van de basisschool gaat en nog steeds in Sinterklaas gelooft, kun je misschien voorzichtig aankaarten dat het toch wel gek is dat Sinterklaas zo oud kan worden en dat hij vaak op veel plekken tegelijk is. Is je kind volhardend in zijn of haar geloof, vraag dan op school na wanneer ze beginnen met lootjes en surprises. Op veel basisscholen is dat vanaf groep 5 of 6. Je kunt beter zelf voor die tijd het nieuws vertellen dan dat ze het in de klas ineens voor hun kiezen krijgen.

Hoe vertel je het?
Maar hoe leg je je kind uit wat er aan de hand is? Veel ouders vertellen dat Sinterklaas vroeger wel heeft bestaan, maar dat niemand honderden jaren oud kan worden en overal tegelijk kan zijn. Dat Sinterklaas een lieve man was, die cadeautjes gaf aan kinderen als hij jarig was, en dat we zijn verjaardag op die manier zijn blijven vieren. Als eerbetoon.

Het helpt veel kinderen als je uitlegt dat volwassenen het geheim in stand houden voor de kinderen, en dat je kind nu dus een beetje bij de grote mensen hoort. De meeste kinderen zijn daar trots op. Ook belangrijk: leg uit dat het nu ook zijn of haar taak is om kleine kinderen te laten geloven dat Sinterklaas bestaat.

Vind je het lastig om een goed moment te vinden om je kind de waarheid te vertellen over Sinterklaas? Vaak merk je wel aan je kind wanneer hij of zij eraan toe is. Als je kind twijfelt of Sinterklaas echt is, hou dat dan niet vol. Luister naar je kind en speel in op wat hij of zij al weet.

Wat als je kind verdrietig of boos is?
Het kan zijn dat je kind boos, teleurgesteld of verdrietig is, maar meestal duurt dat niet lang. Probeer erachter te komen waarom je kind zich zo voelt. Het kan zijn dat je kind verdrietig is omdat hij of zij denkt dat de gezelligheid, het snoep en de cadeautjes nu aan zijn of haar neus voorbij gaan. Leg dan uit dat niet meer geloven in Sinterklaas niet betekent dat jullie het niet meer vieren.

Bron: Ouders van Nu