Centrum voor Jeugd en Gezin | Capelle aan den IJssel

Spraak- en taalontwikkeling bij baby’s

Spraak- en taalontwikkeling bij baby's

Een baby is meteen vanaf de geboorte sterk gericht op spreken en taal. De eerste jaren gaat de taalontwikkeling dan ook razendsnel. Jonge kinderen leren taal vooral thuis. Als ouder heeft u daar zelf veel invloed op. Hoe gaat de taalontwikkeling bij baby’s? 

Praat veel tegen uw kind
Baby’s leren al taal voordat ze kunnen praten. Maak daarom veel contact met uw baby en reageer als uw kind contact met u wil maken. Het is heel belangrijk dat u samen praat, samen speelt, voorleest en liedjes zingt. Probeer te begrijpen wat uw kind bedoelt en praat veel met hem of haar. Ook al praat uw kind nog niet terug, u kunt toch al een gesprekje voeren. Op die manier leert u uw kind praten.

Taalontwikkeling in het eerste half jaar
Uw pasgeboren baby hoort uw stem en reageert daarop. Dat is al onderdeel van de taalontwikkeling. Huilen is ook praten voor kinderen. Daarmee kunnen ze aangeven dat er iets is. Kijk goed naar uw baby en probeer te begrijpen wat er is als hij of zij huilt.

Uw kind begint ook te reageren op geluiden. Hij of zij hoort uw stem en reageert daarop. Het draait de ogen of het hoofd naar het geluid toe.

Vanaf twee tot drie maanden maakt uw kind al verschillende klanken en vanaf een maand of vier maakt het allerlei geluidjes (‘uh uh’) en begint het te kraaien. Na zes maanden herhalen baby’s hun eigen klanken en doen ze geluiden na.

Taalontwikkeling tussen de 6 en 12 maanden
Uw kind luistert steeds beter wanneer mensen praten en probeert klanken van anderen na te doen. Vanaf negen maanden begint uw kind eenvoudige opdrachten te begrijpen en later ook uit te voeren: “Geef maar aan mij.” Uw kind maakt gebaren, schudt het hoofd, wijst naar mensen of dingen, knikt en zwaait. Uw baby reageert op liedjes, bijvoorbeeld door geluiden en gebaren te maken.

Brabbelen
Rond 1 jaar gaat uw kind klanken combineren. Dat heet brabbelen. Door uw reactie leert uw kind dat sommige klanken te maken hebben met papa of mama. Een Nederlandstalig kind zegt meestal eerst ‘papa’ en dan ‘mama’. ‘Mama’ is moeilijker dan ‘dada’ of ‘papa’.

Vanaf 1 jaar gaat het snel. Uw kind doet een gesprek na door de klanken na te bootsen die het hoort. Dat zijn meestal nog geen echte woorden, maar het klinkt al goed. Uw kind doet dit ook heel serieus en vindt zelf dat het echt aan het praten is.

Een kind van 1 jaar
Vanaf 1 jaar gaat uw kind steeds meer woorden zeggen.

  • Uw kind begrijpt eenvoudige opdrachten als: “Pak de bal”
  • Hij of zij brabbelt veel en gevarieerd. Dit gebrabbel klinkt als de taal die u zelf spreekt
  • De meeste kinderen kunnen al ‘papa’ en ‘mama’ zeggen
  • Kinderen reageren nu op hun naam

Meer weten over de taal- en spraakontwikkeling?
Kijk voor meer informatie over de taal- en spraakontwikkeling bij peuters in onze online folder.

 

Deze informatie is afkomstig van Stichting Opvoeden.nl
Klik hier voor meer opvoedinformatie.